Nacht van de nacht I.V.N. 2016

Impressie van de Nacht van de nacht

Zaterdag 29 oktober, locatie kasteel ‘De Kelder’, Doetinchem

Een bezoeker: ‘Tijdens de nacht van de nacht moet je de nacht het werk laten doen.’ En inderdaad: als alles meezit, is dat het halve werk.

Het juiste gehalte aan duisternis, liefst met nieuwe maan. Een magnifieke sterrenhemel en een onbewolkt firmament. En ten slotte een haast zoele, windstille herfstnacht waarin wandelen een genot is. Maar wie neemt die andere helft van het werk voor zijn rekening?

Daarvoor tekende de regiowerkgroep De Graafschap. Een hele klus, dat wordt wel duidelijk in dit verslag. Namen gaan we niet noemen, maar om twee IVN’ers kunnen en willen we niet heen. Wim van den Brink, voorzitter, vasthoudend en optimistisch, wist al maanden van tevoren zijn leden te motiveren en te activeren. Heel veel werk is verzet door Anne Marie Willemsen, gids in opleiding. Zij had de praktische organisatie in handen. Zij slaagde erin voor deze avond maar liefst 35 leden op de been te brengen die ieder een eigen taak hadden. Een gouden greep daarbij was de inschakeling van aspirant gidsen uit de lopende cursus.
Jonkheer Floris Beelaerts van Blokland had voor de gelegenheid kasteel en oranjerie aan het IVN ter beschikking gesteld. Een mooiere ambiance om de tocht te beginnen en te eindigen is nauwelijks denkbaar.

Geen wonder dat bijna 150 mensen, een mooie mix van volwassenen en kinderen, naar kasteel ‘ De Kelder’ in Doetinchem waren gekomen om deel te nemen aan een wandeling van ongeveer anderhalf uur door de achter het kasteel gelegen Kruisbergse bossen.

Om 19.00 uur ging de eerste groep van start voor een tocht van ongeveer anderhalf uur, tien minuten later gevolgd door weer een nieuwe groep enz., telkens begeleid door een IVN’er om een oogje in het zeil te houden. Niet ver van het kasteel, aan de rand van het donkere bos, werden de groepen opgewacht door een IVN’er die als een mysterieuze ‘Koningin van de Nacht’ de wandelaars na een mythisch verhaal het rijk van de duisternis instuurde.

De zwerftocht die dan volgde stelde de liefhebbers van de  nacht voor diverse uitdagingen. Zo moesten zij een deel van de route dwars door het bos via een touw tussen bomen en struikgewas door hun weg zien te vinden. In het donker werd een beroep gedaan op andere zintuigen dan dat van het oog. Langs de route waren oefeningen opgesteld die een beroep deden op de tastzin, de reuk en de smaak. Kinderen en ouders ontdekten daarbij hoe onzeker je kunt zijn als je zonder de hulp van je gezichtsvermogen moet besluiten of je iets wel of niet zou durven te eten.

Verderop in de route kreeg je geluiden te horen van nachtdieren, zoals het opgewonden en verontrustende ‘kèw’ van de steenuil en het verrassend vriendelijke gebrabbel van de das. De IVN’ers die deze post bemanden hadden een aantal dieren tussen bomentakken verscholen, en gaven vervolgens toelichting met hun zaklamp en gedempte stem.

Indruk maakte ook de  wijze, oude bard die – gezeten op een open plek in het bos en leunend tegen een oude beuk  –  in monnikspij toepasselijke verhalen vertelde over de geheimen van de nacht, zoals dat over Griekse zanger Orpheus die na veel verdriet zijn geluk hervond in een eeuwige ‘Nacht van de nacht’ door in het dodenrijk verenigd te worden met zijn geliefde bruid Euridikè.

En dit was nog niet alles. Eenmaal terug bij het kasteel was daar nog van alles te doen. Enige IVN’ers met batdetectors informeerden over het duistere leven van de vleermuizen. Leden van de Sterrenwacht Phoenix uit Lochem vertelden in en buiten het kasteel over de wonderen van het uitspansel. Met laserstralen wezen ze op de verschillende sterrenbeelden.

Wie genoeg genoten had kon in het koetshuis een drankje nemen of buiten in de zachte nacht bij een houtvuurtje luisteren naar gitaarmuziek en zang.

Tekst: Herman Pelgrom
Foto’s: Wilma Faber